Ik schrijf om de chaos in mijn hoofd te sorteren over het stuntelig bestaan, over het zinloos hoezo en dat het toch steeds weer lente wordt.

Van 2013-2015 was ik stadsdichter van Enschede. Sindsdien lid van dichters in Enschede. Vanaf 2015 geef ik poëzieworkshops aan groepen 7 en 8 van Enschedese basisscholen in het kader van de juniorstadsdichtersverkiezing. In de loop van de tijd heb ik 3 gedichtenbundels geschreven en een prentenboek gemaakt.

En ik hang in de Arriva trein van Oldenzaal naar Zutphen!

Dit gedicht hangt op station Enschede.

Ik schrijf ook in opdracht. Voor het Crematorium Twente schreef ik bv. ten tijde van Corona een speciaal gedicht bij de Corona-gedenkplekken.

Voor DaVinciacademie schrijf ik taalpareltjes voor kleuters bij een thema zoals bv. vuilnis.

In opdracht van Otherstoriesarttour.nl maakte ik samen met Bert van der Veen en Viktoria Gudnadottir het lied Wie ben jij bij het Indiëmonument van Hans Petri in Enschede

Dit gedicht komt uit de troostbundel ‘Hoe zeg je dag als je iemand niet kan missen’ (illustratie: Lies Koning) en is tevens opgenomen in de bundel “Doodgewoon gaan hemelen” uitgegeven door Plint

Dit gedicht over Gaza, schreef ik voor de bundel Thuis ( 2024) van Dichters in Enschede

Bestaanszekerheid 


Thuis droeg ik de broek van mijn broer
zong ik met mijn zus onder de afwas
wachtte mijn moeder aan tafel met thee
zag ik aan mijn vaders hand de zee
en dankten we God op onze knieën.


Toen thuis schudde

lag ons dak op mijn broer
lag de keukenmuur op mijn zus

riep mijn moeder God waar ben je

stierf mijn vader op haar knieën.


Nu woon ik in mijn broers broek
draag ik mijn moeder op mijn rug

zoek als de lucht niet gromt 

de theepot, de theedoek, de zee 

en jank het afwaslied op mijn knieën.